Deze website draagt het AnySurferlabel, een Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites. Meer informatie vindt u op www.anysurfer.be.

Communicatiedraaiboek

In vijf stappen communiceren met mensen in armoede

Plus-min methode

De plus-min methode

De plus-min methode is geschikt om de mening van de doelgroep te vragen over de tekst, illustraties, opmaak, logo's en andere grafische elementen van een tekst. 

Je vraagt de lezer bij het lezen van de tekst in de kantlijn een plus te zetten alles wat ze goed vinden en een min bij alles wat ze slecht vinden. Benadruk dat ze zoveel plussen en minnen mogen zetten als ze zelf willen en dat ze dat echt bij alles kunnen doen: bij titels, woorden, zinnen, alinea's, afbeeldingen en illustraties,... 


Je kan de aandacht van de proeflezers ook richten door ze een expliciete opdracht te geven bij het plaatsen van de plussen en minnen. Overdrijf hierbij niet. Kies maximaal 4 of 5 specifieke opdrachten.Je kan hen bv. vragen dat ze plussen en minnen zetten als ze:

  • iets duidelijk of onduidelijk vinden
  • iets belangrijk vinden of juist niet
  • iets herkennen of niet
  • iets ze erg aanspreekt of in het geheel niet
  • ze het ergens mee eens zijn of juist oneens
  • ...

Daarna bespreek je met de proeflezer wat maakt dat hij net daar plussen en minnen gezet heeft.
  Het aantal plussen en minnen dat de proeflezer gezet heeft, is onbelangrijk. Ze zijn immers maar een hulpmiddel om bruikbaar commentaar aan de proeflezer te ontlokken. Uiteindelijk wil je verbeterpunten distilleren uit de toelichting die lezer geeft bij de plussen en minnen. 

Je kan de proeflezer uiteraard ook vragen om andere tekens dan plussen en minnen te gebruiken. Zo kan hij een vraagteken zetten bij zaken die onduidelijk zijn, een uitroepteken bij belangrijke zaken, een lachende of pruilende smiley bij zaken waarmee hij het eens of oneens is, een bliksemschicht voor zaken waar hij ergernis bij voelt,... Deze bijkomende tekens gebruiken heeft als voordeel dat je meer informatie en dus een genuanceerder beeld krijgt. Nadeel is dat het meer van de proeflezers vergt en ook beduidend meer tijd inneemt omdat de lezing van de tekst en de nabespreking uitgebreider zijn.